jun
01
Hyung Jun Suk: "Ik vertrek niet eerder bij FC Groningen voor we Europees voetbal hebben gehaald."

Het sprookje over zijn komst naar Europa is inmiddels wel bekend. Maar de Zuid Koreaan Hyun-Jun Suk is meer dan een leuk verhaal. Natuurlijk blijft zijn overstap van Korea naar het vaste Europese land bijna mythisch waardoor je eigenlijk onmiddellijk een zwak voor de Aziaat krijgt. Maar weinigen zijn hem voor gegaan. Je rugzak inpakken, het vliegtuig in en je bestemming achterna. Voetballer worden in Europa. En dat alles op 18 jarige leeftijd. Een opvallende actie van een voetballer die ook in het veld niet bepaald doorsnee is. In Amsterdam noemen ze hem 'Bruce lee' vanwege zijn kunst ballen hoog uit de lucht aan te nemen.




Dit interview is gemaakt voor het vertrek van Pieter Huistra als trainer. De inhoud van het gesprek heeft echter niets van haar waarde verloren. Suk is geen liefhebber van interviews, hij laat liever zijn voeten spreken. Alleen in dat opzicht is dit gesprek al bijzonder. Maar ook zijn openheid is opvallend.  In dit gesprek laat Suk een deel van zich zelf zien, komt met een aantal ontboezemingen en een prikkelende belofte. Genoeg redenen om het verhaal alsnog te publiceren. Beter laat dan nooit.

Al voor dat Suk een bal heeft geraakt hebben deze dingen hem al buiten gewoon sympathiek gemaakt. Eenmaal in het veld steelt hij ook de harten van de laatste twijfelaars. Zijn onophoudelijke werklust, zijn slungelachtige bewegingen en zijn diep teleurgestelde blik wanneer een actie is mislukt maken hem tot publiekslieveling. In dat opzicht past hij nu al in het rijtje:  Milko Djurovski, Arjen Robben en Luis Suarez. Zelf blijft hij er nuchter onder. Drie dingen zijn voor hem erg belangrijk: voetbal, voetbal en voetballen. Hij wil slagen. Er wordt wel eens gekscherend gesproken over zijn dromen om  de Gouden Bal te winnen maar hij kijkt bijkans verdrietig als het realiteitsgehalte daarvan wordt betwijfelt. Pak hem zijn droom niet af. Waarom zouden we eigenlijk ook. Het is zijn droom. Misschien iets typisch West-Europees? Een gesprek met Hyung Jun Suk over Europees voetbal, de gouden bal, David Teixeira, over bankzitten en Pieter Huistra.

Een hele uitdaging, Suk interviewen. Daar komt een tolk aan te pas omdat de voetballer zich niet vrij genoeg voelt zich in het Nederlands te uiten en liever zijn voeten laat spreken. Op de Rijks Universiteit Groningen bleek een student te zijn die uit Korea komt, wiskunde studeert maar vooral ook behoorlijk de Nederlandse taal machtig is en vloeiend Koreaans spreekt. Uiteindelijk worden we hartelijk ontvangen in de Euroborg. Zowel door de medewerkers aldaar als door de voetballer zelf. Hij neemt er de tijd voor. Een stoer Amerikaans vest en een strakke gladde spijkerbroek, een warrige haardos die inmiddels niet meer lichtbruin maar gitzwart is geverfd geven de spits een jeugdiger karakter.


Suk, zoals we hem veel te weinig zagen.

Het was een zeer moeizaam seizoen voor Groningen en Suk moet voornamelijk genoegen nemen met een plaats op de bank. Het vreet aan hem. Hier was hij niet voor gekomen. Matavz zou weggaan en hij droomde al van zijn veel goals in het groen-wit. Maar Matavz bleef aanvankelijk en Huistra speelt slechts met een diepe spits. Dat plaatsje was onmiskenbaar voor Matavz. Suk verdween naar het tweede plan aan het begin van het afgelopen seizoen en moest genoegen nemen met een plaatsje op de bank. Toen na een aantal wedstrijden Matavz toch vertrok was daar de kans dan eindelijk voor Suk. Zou je zeggen. Ware het niet dat juist in die periode de speler een schorsing van maarliefst 5 wedstrijden aan zijn broek had door een overtreding in het tweede elftal.

En dus moest Groningen met spoed een nieuwe spits halen en werd David Texeira uit Uruguay gehaald. Vanaf het moment dat hij arriveerde was er voor hem de basisplaats en ondanks vele matige beurten liet  Huistra de spits staan. Suk was definitief wisselspeler geworden. Deels door eigen toedoen. Hij slaat zijn ogen neer als deze periode voorbij komt en spreekt. Zijn teleurstelling en emotie zijn bijna tastbaar:" Het was een hele moeilijke tijd. Ik was thuis 's avonds vaak erg verdrietig en voelde me eenzaam. Alleen maar trainen zonder uitzicht op een wedstrijd was al erg. Maar dan ook nog weten en zien dat er een nieuwe spits komt. Ik zat in een zeer moeilijke fase." Suk sloeg zich er doorheen. "Ik ben hard blijven werken en blijven geloven in mijn eigen kwaliteiten. Er zou een dag komen dat ik weer mijn kans zou krijgen. Dan moet ik er staan."

Dat duurde nog een hele tijd. Suk moest het doen met invalbeurten waarin hij aanvankelijk regelmatig zijn goaltje meepikt. Voor Huistra geen reden om hem alsnog eens op nummer 9 te proberen om een vaak teleurstellende Texeira te vervangen. Ondertussen wordt de Koreaan steeds populairder en scandeert het publiek 'Suk, Suk, Suk' wanneer hij begint met warmlopen om zich klaar te maken voor een invalbeurt. Het Groningse publiek kan het wel waarderen, zijn oprechte  en uitzinnige blijdschap na een goal. Ook al is dit de 6-0 tegen Feyenoord.


Het kenmerkende haarbandje....

En dan wordt het 19 februari. In de Euroborg speelt Groningen een meesterlijke wedstrijd en klopt de gedoodverfde landskampioen PSV met 3-0. Suk staat in de basis en scoort twee maal, waarvan eentje van ruim 40 meter. Maar ook dit bleek niet de definitieve doorbraak. Twee wedstrijden later mag de Koreaan weer plaats nemen op de bank. Hij wordt geslachtofferd voor nieuwe nederlagen. “Ik vond het heel lastig weer op de bank te gaan zitten maar uiteindelijk kreeg ik daar na verloop van tijd wel vrede mee. Huistra wilde mij of niet inzetten of aan de rechterkant. Ik heb zelf aan de trainer verteld dat ik niet meer aan de rechterkant wil spelen. Niet omdat ik het team niet wil helpen maar omdat ik er niet echt uit de voeten kan. Terwijl ik er wel op wordt afgerekend. Daardoor was de rechterkant verleden tijd maar ook mijn plaats in de basis.”  Suk zag dat Huistra voor Texeira bleef kiezen. Pas als het seizoen ten einde loopt en er voor de ‘Trots van het noorden’ niets meer te halen valt passeert Pieter Huistra Texeira en kiest in de uitwedstrijd tegen Ajax voor Suk op nummer 9. De opdracht is duidelijk, hard werken en de Ajax-verdedigers afstoppen. Misschien uit een counter scoren. Suk loopt bijkans een marathon maar het bevalt de technische leiding blijkbaar allerminst want de week later tegen De Graafschap staat Texeira weer in de basis. Suk blijft invaller maar komt niet meer tot scoren. Een teleurstellend seizoen. Voor alles wat een groen-wit hart heeft maar persoonlijk ook voor de spits.

In Amsterdam was de lange Koreaan met zijn verlegen blik een cultheld.  Hij wil een echte held worden die goals maakt: “FC Groningen is een hartstikke mooie ploeg. Ik wil goals maken, slagen als voetballer. Ik weet dat ik nog veel moet leren en daar doe ik ontzettend mijn best voor. Soms is het wel eens lastig in de communicatie maar het gaat steeds beter.”

En dan volgt nog een ontboezeming, met de nodige voorzichtigheid ingeleid. Hij wil zijn trainer duidelijk niet afvallen. “Ik zou eigenlijk heel graag eens met 2 spitsen willen voetballen. Naast Texeira. Hij is een dergelijk systeem gewend en ik ook. Ik denk dat wij een heel goed duo zouden kunnen vormen met verschillende kwaliteiten. We zouden elkaar in mijn ogen goed kunnen aanvullen. Nee, we spreken daar onderling niet heel veel over. Het is aan de trainers om te bepalen hoe zij denken dat wij het beste kunnen spelen.”

Het gesprek heeft een openhartig karakter. Suk praat honderd uit over zijn tijd in Korea, zijn moeilijke familie omstandigheden en de liefde die hij ontvangt van het pleeggezin waar hij tijdens zijn verblijf in  Amsterdam woonde. Zijn grote hobby naast voetbal komt ter sprake en blijkt slapen te zijn. Of muziek luisteren op de bank. Hij spreekt  over Suarez, zijn maatje in de hoofdstad en Ibrahimovitch, zijn absolute idool.

Maar ook over clubliefde heeft Suk een mening: ‘Ik speel in de eerste plaats niet om rijk te worden. Ik weet dat er in Groningen veel hardwerkende supporters wonen die het niet heel breed hebben. Zij hebben er veel voor over om een kaartje te kopen en verlangen ontzettend naar succes en Europees voetbal. Dat voel ik en motiveert me nog meer om hier te slagen. In Nederland zijn er voor mij twee clubs. Dat zijn Ajax en FC Groningen. Natuurlijk hoop ik stiekem wel eens op een terugkeer naar Amsterdam om daar alsnog te slagen. Maar naar een andere Nederlandse club zul je mij niet zien gaan. ”

Dan verschijnt er weer de verlegen maar ook een soort van charmante glimlach op het gezicht  en komt er een opvallende belofte die hij met een handdruk symbolisch vastlegt: “Ik wil de supporters geven wat ze verdienen. Europees voetbal. Ik zal niet  eerder vertrekken voordat ik dat met FC Groningen heb bereikt.”