feb
07
'Harken in de hel' Pim Cazemier en Danielle Bekkering als helden onthaald op Weissensee

Schaatsverslaggever Herbert Dijkstra van de NOS is wel wat gewend, maar afgelopen zaterdag keek hij zijn ogen uit op de Oostenrijkse Weissensee. Na een week met regelmatig zon en overdag lichte dooi begon het zaterdagochtend te sneeuwen. En wel zo hard dat het ijs niet meer schoon gehouden kon worden. De Weissensee werd omgetoverd tot Siberië. Sneeuw en wind maakten het schaatsen bijna onmogelijk. De leiding zal zich genoodzaakt om in te grijpen en kortte voor de dames de tocht in van 200 naar 150 km. Het werd een slagveld.


Slagveld op de Weissensee. (Foto: Neeke Smit)

Slechts 17 dames wisten de eindstreep te halen. Waaronder natuurlijk Danielle Bekkering. De Vrouw die nooit opgeeft en zelfs onder het ijs door zou schaatsen. Maar zelfs de bikkel de bikkels had het zwaar. "Het was gewoon gevaarlijk, om mij heen voortdurend valpartijen, van pijn schreeuwende mensen, het voortdurende gevecht om door te gaan of toch op te geven, je zag de scheuren niet meer door alle sneeuw. Dat maakte het erg verraderlijk, nou zeg maar levensgevaarlijk.” Een paar uren na de slijtageslag zit Bekkering  voor de kachel in het hotel nippend aan een warme chocolademelk. De wonden te likken. Bekkering grinnikend: “Ik heb me wel eens beter gevoeld. Ellebogen met tennisballen er onder, overal kneuzingen en blauwe plekken, kapotte knieën  en een verdraaide enkel” We gaan straks patat eten en misschien wel een wijntje. Daar zijn   wel toe. Of ik wel eens eerder zo’n zware wedstrijd heb meegemaakt? Ik kan het me eigenlijk niet herinneren. Een moment heb ik gedacht aan opgeven, dat was een zo’n 15 kilometer voor de streep.

Veel meiden konden toen niet verder. Het ging nog harder sneeuwen. Kun je nagaan. Met de finish inzicht en dan toch er mee kappen. Dan is het wel heel erg. De gedachte aan stoppen heb ik snel weer naast me neergelegd. Eigenlijk was het gewoon geen optie. De laatste 15 kilometer was wel extreem zwaar. Een soort van harken door de hel” En dan met een lichte teleurstelling in de stem: “Ik ben wel opgelucht en blij dat ik het heb gehaald, maar eigenlijk baal ik dat ik niet hoger ben geëindigd. Het podium was te hoog gegrepen, maar ik had in het groepje daar net achter willen zitten. Maar door de zoveelste valpartij lukte dat net niet.” Blikt de 36e jarige voormalig schaatskampioen terug op een van de aller zwaarste wedstrijden uit haar leven. “Even een weekje bijkomen en dan op naar Finland. Voor nieuwe uitdagingen op het ijs.” Waar ze toch de drive vandaan haalt? “Ach, misschien ben ik gewoon wel een beetje gek.”   
Voor het publiek werden het helden. Iedereen die over de streep kwam werd onthaald met groot applaus en soms zelfs met een diepe buiging. De meeste van hen wisten niet eens meer wie of wat ze waren. Elma de Vries, tweede achter winnares Erna Last - Kijk In de Vegte zakte gewon door haar benen en moest van het ijs worden getild met onderkoelingsverschijnselen. Dit waren vrouwen die lieten zien over welk karakter wat voor doorzettingsvermogen ze beschikken. Mariska Huisman kwam als derde aan, op zes minuten van winnares Kijk In de vegte. Voor Foske Tamar van der Wal liep het buitenlandse tripje uit op een desillusie. Ziekte gooide roet in het eten en aan schaatsen kwam ze niet toe. Al zal ze na het zien van de laatste wedstrijd daar gemengde gevoelens over hebben.
Niet alleen de dames hadden het extreem moeilijk, ook de mannen leden onder de zware condities.

Wierd Osinga gad op. De man die zich zo had verheugd op het slagveld van 200 km die gewonnen werd door Simon Schouten voor Frank Vreugdehil zat er zo doorheen dat hij niet anders kon dan opgeven. Het zelfde deed zijn dorpsgenoot Jaap Ketelaar. Maar er was iemand die het bijltje er niet bij neer legde. Pim Cazemier. De man uit Den Horn. IJzeren Pim mogen we hem vanaf nu noemen. Hij streed door tot het einde, samen met Erben Wennemars kwamen ze als laatste over de finish. Een uitgedund pelotonnetje van 21 man. Laatste worden werd bijna werd bijna een eer. “ Ik had het niet verwacht dat het zo goed zou gaan. Ik ben de hel ingegaan en er dwars doorheen gegaan. Om mij heen zag ik steeds meer mensen opgeven. Het peloton werd steeds dunner, de omstandigheden zwaarder. Het ging van scheur na scheur, van vallen en weer opstaan. Maar ik wilde niet opgeven. In mijn hoofd zat maar een ding, de finish halen. Ik voelde me ijzersterk en hoewel het echt de aller zwaarste wedstrijd uit mijn leven was heb ik het gehaald.  Bijna 200 km. Helemaal stuk, de lamp ging uit maar wel pas toen ik over de streep kwam, ‘verteld Cazemier met een gezicht dat straalt van oor tot oor. Iedereen die over de finish kwam kreeg de status held en winnaar opgeplakt.  Dat lukte slechts een zeer klein groepje. Waaronder Pim Cazemier. IJzeren Pim! En hier in Nederland gaat het leven gewoon door. Later in de week valt er misschien wel een sneeuwbui en gooit de NS de meeste treinen er weer uit en worden we gewaarschuwd de weg niet op te gaan. Mocht u toch mensen tegenkomen? Dan zijn het schaatsers.